maandag 25 februari 2019

Begeleiden bij dyscalculie

Hans van Luit
In: Beter Begeleiden. - Jrg. 1 (2019), nr. 1 (januari) ; p. 36-40
Uitleg van hoe je dyscalculie herkent het en hoe je een kind met dyscalculie kunt ondersteunen? Kinderen maken zich rekenkennis op verschillende manieren eigen. Voor leraren en begeleiders is het volgens Van Luit belangrijk om goed zicht te krijgen op de manier waarop vooral zwakke leerlingen zich rekenkennis eigen hebben gemaakt en kunnen maken. Dit kan door ze in een rekengesprek te vragen hoe ze tot een oplossing zijn gekomen en wat ze weten van andere mogelijke probleemoplossingen. Er is volgens Van Luit onderscheid te maken tussen een ernstig rekenprobleem en dyscalculie. Dyscalculie is een stoornis die gekenmerkt wordt door hardnekkige problemen met het leren en vlot/accuraat oproepen/toepassen van reken-/wiskundekennis (feiten/afspraken). Bij dyscalculie zijn de kenmerken toe te schrijven aan diverse oorzaken. Kinderen met dyscalculie zullen het 1F-niveau aan het einde van de basisschool niet bereiken. Begeleiders zijn volgens Van Luit belangrijke hulpbieders die leraren en rekenspecialisten in de school ondersteunen door het bieden van instructie op maat, al dan niet gekoppeld aan rekenaanbod dat beschikbaar is in remediĆ«rende, evidence based programma's. Als doelstelling voor de begeleiding van kinderen met dyscalculie pleit van Luit voor het aanleren van in ieder geval de basisvaardigheden en het leren toepassen daarvan, opdat zij zich in allerlei alledaagse situaties kunnen redden. 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten